De piramideteksten van Merenre – Bezweringen voor het betreden van de schoot van Noet
32484
wp-singular,page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-32484,wp-theme-bridge,bridge-core-2.6.1,qode-page-transition-enabled,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-content-sidebar-responsive,qode-theme-ver-24.6,qode-theme-bridge,transparent_content,disabled_footer_top,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-8.6.1,vc_responsive

Piramideteksten van Merenre

 

 

Bezweringen voor het betreden van de schoot van Noet.

(Grafkamer, sarcofaag en west einde.)

Klik op het Oog van Horus om een afbeelding te zien van de hiërogliefen,
die bij de desbetreffende bezwering horen.

TITULATUUR VAN DE KONING1

 1A

 

De levende, de Tweevoudige Koning, de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen en de tweevoudige valk van goud, Merenre, levend net als de Zon.
De levende, de Tweevoudige Koning, de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen en de tweevoudige valk van goud, Merenre, levend voor altijd.

1B

 

De levende, de levende van Horus’s verschijnen, de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen, Merenre; de tweevoudige valk van goud, Merenre; Gebs erfgenaam, Merenre; de geweldige god, heer der hemel, Merenre, levend voor altijd.
De levende, de levende van Horus’s verschijnen, de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen, Merenre; de tweevoudige valk van goud, Merenre; Noets zoon uit haar buik, Merenre; Horus van het Akhet, heer der hemel, Merenre, levend als de Zon.
De levende, de levende van Horus’s verschijnen, de Tweevoudige Koning , de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen, Merenre; de tweevoudige valk van goud, Merenre; Gebs erfgenaam, Merenre; Horus van het Akhet, heer der hemel, Merenre, levend als de Zon.

2

 

De levende, de levende van Horus’s verschijnen, de Tweevoudige Koning, Nemtiemzaf Merenre; de levende van de verschijning van de Twee Vrouwen, Nemtiemzaf Merenre; de tweevoudige valk van goud, Nemtiemzaf Merenre; Gebs zoon, die hij verlangde, Nemtiemzaf Merenre; Noets zoon, geleverde door haar buik, Nemtiemzaf Merenre, leven geschonken, stabiliteit, autoriteit en gezondheid, net als de Zon voor altijd.

DE GEEST NAAR NOET STUREN

HET OPROEPEN VAN DE GEEST ALS OSIRIS

(Zie bezwering 4 van Pepi I)²

 

3

(Zie bezwering 199 van Teti)

 

4

(Zie bezwering 201 van Teti)

 

5

(Zie bezwering 197 van Teti)

 

6

(Zie bezwering 198 van Teti)

 

7

(Zie bezwering 203 van Teti)

 

8

(Zie bezwering 204 van Teti)

 

9

HET AANKONDIGEN VAN HET OPSTIJGEN VAN DE GEEST

(Zie bezwering 20 van Teti)

 

10

(Zie bezwering 21 van Teti)

 

11

OPSTIJGEN NAAR NOET

OPSTIJGEN ALS EEN VALK

(Zie bezwering 5 van Neith)

 

12

(Zie bezwering 31 van Pepi II)

 

13

DE GEEST AANSPREKEN ALS OSIRIS

(Zie bezwering 10 van Pepi I)

 

14

(Zie bezwering 204 van Teti)

 

15

(Zie bezwering 38 van Pepi I)

 

16

EEN PLAATS BIJ DE ZON CLAIMEN

(Zie bezwering 174 van Unas)

 

17

(Zie bezwering 214 van Unas)

 

18

DE GEEST WAKKER MAKEN

(Zie bezwering 240 van Neith)

 

19

NOETS SCHOOT BINNEN GAAN

NOET ONTMOETEN

(Zie bezwering 567 van Pepi I)

 

20

(Zie bezwering 175 van Unas)

 

21

(Zie bezwering 272B van Neith)

 

22

(Zie bezwering 12 van Teti)

 

23

DE GEEST AANSPREKEN ALS OSIRIS

Zie bezwering 228 van Teti)

 

24

HET OPROEPEN VAN NOET

(Zie bezwering 16C van Pepi I)

 

25

DE GEEST AANBEVELEN BIJ NOET

26


Recitatie.

 

Osiris Nemtiemzaf Merenre, uw moeder Noet heeft zich over u uitgespreid, in haar hoedanigheid van Shetpet.
Zij heeft van u een god gemaakt zonder ue opponent, in uw hoedanigheid als een god.
Zij heeft u beschermd van al het slechte, in haar hoedanigheid als de Geweldige Zeef.

Gij bent de oudste van haar kinderen.

(Zie bezwering 41A van Pepi I)

 

27

KLEDEN EN REINIGEN VAN DE NIEUWGEBOREN GEEST3

(Zie bezwering 43 van Pepi I)

 

28

29A


Recitatie.

 

Iemand is heengegaan om bij zijn ka te zijn;
Osiris is heengegaan om bij zijn ka te zijn;
Seth is heengegaan om bij zijn ka te zijn;
Ogen-Voorwaarts is heengegaan om bij zijn ka te zijn;
Gij ook bent heengegaan om bij uw ka te zijn.
Hallo, Nemtiemzaf Merenre! Iemand is gekomen en u zult geen behoefte hebben—
Noet en u zult geen behoefte hebben;
zij die zich aansluit bij de geweldigen en u zult geen behoefte hebben;
zij die zich aansluit bij de verschrikkelijken en u zult geen behoefte hebben.
Zij zal u vergezellen en u verdedigen tegen behoeften: zij zal u hoofd plaatsen voor u, u botten verzamelen voor u en uw hart voor u in uw lichaam krijgen.
Gij zult op de voorgrond zijn van hen aan uw voeten en hen in uw kielzog regeren; gij zult in uw wake uw huis stevig maken en uw kinderen beschermen tegen het rouwen.
Uw reiniging is de reiniging der goden die zijn heengegaan om bij hun ka’s te zijn; uw reiniging is de reiniging der goden die zijn heengegaan, maar niet terug zijn getrokken.

29B

 

Thoth, verzamel hem, dat wat tegen hem is mag eindigen.

(Zie bezwering 44 van Pepi I)

 

30

(Zie bezwering 45 van Pepi I)

 

31

32A


Recitatie.

 

Osiris Nemtiemzaf Merenre, u bent de ka van alle goden.
Horus heeft u verzorgd en u bent zijn ka geworden.

32B

 

Osiris Nemtiemzaf Merenre, kijk, u bent verzorgd en in leven, rondreizend elke dag en niets van u kan worden verstoord.
Hij die tegen u is, is voor u gevangen, vader; hij is voor u vernietigd, vader.
Zie, de toezichthoudende godin is over haar zoon gevallen.

DE GEEST AANBEVELEN BIJ NOET4

(Zie bezweringen 17 t/m 25 van Pepi I)

 

33 34

 

35 36

 

37 38

(Zie bezwering 39 van Pepi I)

 

39

(Zie bezwering 40A van Pepi I)

 

40

DE GEEST VERZORGEN ALS OSIRIS

(Zie bezwering 49 van Pepi I)

 

41

(Zie bezwering 12 van Pepi I)

 

42

(Zie bezwering 50 van Pepi I)

 

43

(Zie bezwering 46 en 47 van Pepi I)5

 

 44

(Zie bezwering 31 van Pepi I)

 

 45

(Zie bezwering 37 van Pepi I)

 

 46

TEVOORSCHIJN KOMEN IN DE OCHTEND

(Zie bezwering 17 van Teti)

 

 47

(Zie bezwering 36 van Pepi I)

 

 48

(Zie bezwering 35 van Pepi I)

 

 49

DE GEEST AANBIDDEN

50

 

Recitatie

 

Horus heeft zichzelf gehuld in zijn malachiet tasje die schrijdt over zijn land als eerstgeborene,
Seth heeft zichzelf gehuld in zijn malachiet tasje die schrijdt over zijn land als eerstgeborene,
Thoth heeft zichzelf gehuld in zijn malachiet tasje die schrijdt over zijn land als eerstgeborene,
de god6 heeft zichzelf gehuld in zijn malachiet tasje die schrijdt over zijn land als eerstgeborene,
ook deze Nemtiemzaf Merenre heeft zichzelf gehuld in zijn malachiet tasje die schrijdt over zijn land als eerstgeborene.
Horus, accepteer uw oog dat u heeft geaccepteerd in het Omsloten gebied van de Rechter te Heliopolis.
Hallo, Nemtiemzaf Merenre!
Uw ka heeft u geaccepteerd boven (letterlijk: tegen) uw opponenten.

(Zie bezwering 220 van Teti)

 

 51

GEB AANSPREKEN7

52

 

 

Geb, deze Osiris Nemtiemzaf Merenre is de zoon van Sjoe.
Het hart van uw moeder danst/beweegt (met vreugde) omwille van u, in uw identiteit van Geb.
Gij bent Sjoe’s oudste en hooggeplaatste zoon, zijn eerstgeborene.
Hallo Geb!
Dit is Osiris Nemtiemzaf Merenre.
Verenigd hem bij u, dat [wat tegen hem is] moge eindigen.
U alleen bent de geweldige god, want Atoem heeft aan u zijn erfenis gegeven.
Hij heeft u de verzamelde Enneade gegeven en Atoem zelf eveneens onder hen, verzameld in u voor de zoon van zijn oudste zoon, want hij heeft u wezenlijk gezien, uw hart groot (met trots); overtuigend in uw identiteit als de overtuigende mond, Gods beste; staande op de aarde en rechtsprekend op de voorgrond der Enneade, uw vaders en uw moeders.
Kom naar hun voorgrond, meer in controle dan welke god ook en kom naar deze Osiris Nemtiemzaf Merenre [en] verdedig [hem] tegen zijn opponent.
Hallo Geb, overtuigende mond, Gods beste!
Osiris Nemtiemzaf Merenre is uw zoon.
Moge u hem in uw zoon doen herleven; maak u zoon gezond in hem.
U bent de heer van de gehele aarde, gezaghebbend over de Enneade alsmede over elke god.
Als u het gezag uitoefent, gelieve al het slechte ver weg te drijven van deze Osiris Nemtiemzaf Merenre en laat het niet tegen hem komen (letterlijk: gij zult een komst naar/tegen hem niet uit laten komen), in uw hoedanigheid als Horus die zijn werk niet herhaald.
Gij bent de ka van alle goden: gij hebt ze (tot leven gewekt), dat u ze opvoed [en] te eten geeft, aldus moet u [Osiris] Nemtiemzaf Merenre voeden.
U bent de god met gezag over alle goden, want het oog is verschenen in uw hoofd als de ‘Nijlvallei Geweldig-door-Magie Kroon’, het oog is verschenen in uw hoofd als de ‘Delta Geweldig-Door-magie Kroon’, Horus heeft u gevolgd en u verlangd en u bent de rechtmatig als de Tweevoudige Koning, met gezag over alle goden alsmede hun ka’s.

DE GEEST AANBEVELEN BIJ ISIS EN NEPHTHYS

(Zie bezwering 348 van Pepi II)

 

 53

DE GEEST LATEN ONTWAKEN

DE GODEN AANROEPEN

(Zie bezwering 7 van Neith)

 

 54

DE GEEST AANKLEDEN

(Zie bezwering 301 van Pepi II)

 

 55

(Zie bezwering 265 van Pepi II)

 

 56

DE GEEST ONTWAKEN

(Zie bezwering 250 van Neith)

 

57

Voetnoten.

1

De eerste 2 titularissen (bezwering 1A PT 8) bevinden zich respectievelijk op de noord en zuid zijden van de sarcofaag.
De 3 volgende (bezwering 1B PT 9) bevinden zich op de west en oost zijden en op het deksel.
De laatste titularis, (bezwering 2 PT 10) is in een horizontale lijn onder de andere teksten op de westmuur.

2

Let wel! Er zit één klein verschil tussen beiden, in Pepi I’s bezwering 4 staat de zin (vierde van boven): > Gezicht voorwaarts, want lof voor u bevindt zich voor u. < In bezwering 3 van Merenre is deze enigszins anders geformuleerd namelijk als volgt: > (Plaats) uw gezicht vooraan, opdat ik u kan loven ten overstaande van u. <

3

De bezweringen 29 (PT 447-448) en 32 (PT 589-590) zijn elk in Merenre’s kopie enkelvoudig.

4

In deze kopie zijn, PT 426-428 (Pepi I’s bezwering 16) en PT 430-431 (Pepi I’s bezweringen 18-19) geschreven als twee enkele bezweringen (33 en 35).

5

Pepi I’s twee bezweringen worden hier als één behandeld.

6

De meeste kopieën uit het Middenrijk en later hebben dwn-anwj “Gespreide-vleugels”.

7

Deze bezwering identificeert de overledenen, net als Geb als een zoon van Sjoe, maar verzekerd Geb dat hij zelf “de oudste en hooggeplaatste” is.