Tiaa


Tiaa of Tia’a was een oude Egyptische koningin-gemalin tijdens de achttiende dynastie van Egypte.
Ze was een “gezichtsloze concubine” ten tijde van Amenhotep II, die haar de titel Grote Koninklijke Vrouw onthield.
Maar toen haar zoon Thoetmoses IV farao werd, voerde hij een herziening van haar status door en gaf haar die titel.
Ze wordt nooit “Koningsdochter” genoemd en haar afkomst is dus onbekend.
Er is gespeculeerd dat ze de zus of halfzus van Amenhotep was, maar dat is niet zeker.
Tijdens de regering van haar echtgenoot waren de vrouwen van de koninklijke familie veel minder vertegenwoordigd dan eerder, tijdens de 18e dynastie, dit kwam waarschijnlijk doordat de farao niet wilde dat een van hen de macht zou overnemen, zoals Hatsjepsoet slechts enkele decennia eerder had gedaan.
Tiaa is de enige bekende echtgenote van Amenhotep en haar naam is alleen bij ons bekend omdat ze de moeder was van de volgende farao, Thoetmoses IV.
Ze ontving de titel van Grote Koninklijke Vrouw tijdens de regering van haar zoon, tijdens het leven van haar echtgenoot werd deze alleen gedragen door Amenhoteps moeder Merytre-Hatsjepsoet.
Gezamenlijk standbeeld van Tiaa en haar zoon Thoetmoses IV.
(Foto: Ismoon (Wikipedia) Cairo, Egyptian Museum, JE 36336)

Tiaa
Tjˁ3

Tiaa wordt niet afgebeeld op monumenten die door haar echtgenoot zijn gebouwd, alleen op monumenten die door haar zoon zijn voltooid.
Tijdens de regering van Thoetmoses IV nam haar aanzien toe, naast de titel van Grote Koninklijke Vrouwe kreeg ze ook de titels Koningsmoeder en Godsvrouw.
Op veel beelden vergezellen zij en Thoetmosis’ eerste oppervrouw Nefertari de farao.
Verschillende afbeeldingen van Merytre-Hatsjepsoet werden aangepast om Tiaa af te beelden.
Een van Thoetmosis’ dochters, Tiaa, is waarschijnlijk naar haar vernoemd.
Tiaa werd begraven in graf KV32 in de Vallei der Koningen, waar fragmenten van haar begrafenisuitrusting – waaronder een canopische kist – werden gevonden.
Vloedwater spoelde een deel hiervan in KV47, het aangrenzende graf van farao Siptah uit de 19e dynastie, waardoor Egyptologen dachten dat ze toebehoorden aan een gelijknamige moeder van Siptah.
Sindsdien is Siptahs moeder echter geïdentificeerd als een Syrische concubine genaamd Sutailja.
Afbeelding van de doorbraak in KV32 vanuit KV47.
(Auteur: R.F.Morgan (Wikipedia))
